Ooit kreeg ik van een oude vrouw een bootje in een fles. Dat bootje was er ingeplakt met col. Ik zeg: “Dank u.” En zij zegt: “Dat moogt ge nooit vergeten, dat er soms in een lege fles een zee zit.”
In Zwerflicht zoeken de Fratelli een uitweg als de onschuld verdwenen is. Onschuld die vervaagt samen met het licht in de ogen. Want soms gebeuren er dingen, waar je als jonge mens geen vat op hebt, en wat doe je dan? Hoe kan je nog zien, in een donkere kamer? Hoe lijm je een barst in de kop of een lijf dat kapot is?