De legendarische Britse documentaire THE SONG OF CEYLON (1934, Basil Wright) schetst in vier vloeiende hoofdstukken het traditionele en religieuze leven in het toenmalige Ceylon (nu Sri Lanka). Regisseur Basil Wright neemt je mee van de spirituele boeddhistische rituelen rond Adam’s Peak en het ambachtelijke dorpsleven naar de abrupte komst van de moderne industrie, om af te sluiten met de hypnotiserende ritmes van een traditionele Kandyan-dans.
Hoewel de film oorspronkelijk werd besteld als een reeks commerciële reisdocumentaires om thee te promoten, kreeg Wright volledig carte blanche. In plaats van een voorspelbare reclamefilm leverde hij een onafhankelijk avant-gardistisch meesterwerk af. Omdat er op locatie geen geluidsapparatuur was, werd de soundtrack naderhand in een Londense studio opgebouwd. Geïnspireerd door de montagetechnieken uit de Sovjet-cinema combineerde Wright synthetische klanken, sfeermuziek en historische vertellingen tot een innovatief klanktapijt dat de beelden vlijmscherp contrapunteert.
De commerciële geldschieters reageerden destijds lauw, maar op internationale festivals werd de film direct een triomf. THE SONG OF CEYLON won de hoofdprijs op het filmfestival van Brussel in 1935 en de Britse auteur Graham Greene prees het werk als hét schoolvoorbeeld van perfecte montage. Binnen de geschiedenis van de Britse cinema staat deze lyrische film nog altijd te boek als een van de belangrijkste en meest vernieuwende werken uit de vroege documentaire,...